Cadeaus Inpakken: Als je Er Geen Zak Van Kunt
Wat Doe je op Eerste Kerstdag Als Alles Dicht Is
Laatste kerstcadeautips die altijd werken

Wat Doe je op Eerste Kerstdag Als Alles Dicht Is

Je wordt wakker op 25 december. Cadeaus zijn uitgepakt, het ontbijt is op. Je kijkt op je telefoon. 11:00. De hele dag ligt nog voor je.

Normaal kun je even naar de winkel als je je verveelt. Of boodschappen doen. Een rondje sportschool. Koffie halen bij Starbucks. Maar vandaag is Nederland dicht. Echt dicht. De supermarkt heeft de rolluiken naar beneden. Die ene café waar altijd iemand zit? Stoelen op de tafels, verlichting uit. Zelfs het tankstation op de hoek ziet er verlaten uit.

Je staat bij het raam, kijkt naar de lege straat, en vraagt je af: wat gaan we de komende twaalf uur doen?

De dag is te lang

Dat is het probleem met Eerste Kerstdag. Het duurt eindeloos. Cadeaus uitpakken is leuk, ontbijt ook, maar daarna? Je hebt nog acht, negen, tien uur te vullen voor het een acceptabel tijdstip is om naar bed te gaan.

Gezinnen met jonge kinderen hebben geluk. Die spelen met hun nieuwe speelgoed, bouwen LEGO, zijn urenlang in hun eigen wereld. Maar oudere kinderen? Die zitten om twee uur al op hun iPad te vragen wanneer ze weer naar buiten mogen. Stellen zonder kinderen kijken elkaar om half een aan en denken: en nu?

En je kunt nergens heen. Dat is het vreemde aan deze dag. Nederland, dat altijd bruist, ligt volledig stil. Het voelt alsof je in een glas zit waar je niet uit kunt. Zeker als het regent. Zeker als je niet van tevoren hebt nagedacht.

Eerste Kerstdag is geen sprint. Het is een marathon. En je hebt een plan nodig.

Als het weer meewerkt: ga naar buiten

Er is iets bevrijdends aan buitenlucht als je de hele ochtend binnen hebt gezeten. Je hersenen krijgen zuurstof, je benen krijgen beweging, de dag voelt ineens minder plakkerig.

De wandeling die je nooit doet

Niet gewoon een rondje door de wijk. Te saai, te voorspelbaar. Ga ergens heen waar je anders nooit komt. Dat natuurgebied twintig minuten verderop waar je elke keer langsrijdt en denkt “daar moet ik een keer naartoe”. Nu is die keer.

Veluwe, Utrechtse Heuvelrug, duinen bij Zandvoort, bossen bij Baarn. Parkeren is gratis, geen entree, niemand controleert iets. Je loopt gewoon. En het is stil op een manier die zelfs op zondag niet stil is. Andere mensen die je tegenkomt? Die zijn net als jij: ontsnapt uit hun huis, op zoek naar lucht.

Neem een thermoskan mee. Chocolademelk als je kinderen hebt, koffie als je dat niet hebt. Halverwege stoppen, op een bankje of tegen een boom, drinken terwijl je naar niets kijkt. Dat moment, dat kwartier van niks, is goud waard. De rest van de dag voelt lichter daarna.

Twee uur wandelen. Echt twee uur. In de auto terug ben je moe op een goede manier. Thuis ben je tevreden. Middag is voorbij. Je hebt de moeilijkste uren overleefd.

Strand als je dichtbij woont

Winter strand is het beste strand. Geen massa’s mensen. Geen handdoeken en parasols. Alleen wind, golven, een paar hardlopers, wat honden. Je kunt ademen daar.

Scheveningen, Zandvoort, Noordwijk. Maakt niet uit welk. Strand is strand. Kinderen rennen toch, ook al is het nul graden. Ze bouwen forten van zand dat te nat is. Ze rapen schelpen. Ze worden moe. Dat is het doel: moe worden.

Volwassenen lopen langs de waterlijn. Handen in zakken, soms iets zeggen, meestal niet. Je denkt na over het jaar. Of je denkt helemaal niet na. Allebei goed.

Een uur strand voelt als halve dag. Tijd rekt uit daar. Het salte in de lucht, het geluid van golven, het verandert je hoofd. Terug in de auto ben je een ander mens dan toen je kwam.

Nadeel: strandtenten zijn dicht. Dus die thermoskan is niet optioneel, het is nodig.

Verlichte wijken

Als het donker is, rond een uur of zes, wordt Nederland mooi op een andere manier. Mensen hebben hun best gedaan dit jaar. Huizen vol lichtjes, tuinen met kerstmannen en rendieren, hele straten die meedoen aan wedstrijden.

Google “[jouw stad] kerstverlichting” en je vindt adressen. Soms zijn het hele wijken. Soms één straat waar iedereen meedoet. Rij erheen, of loop als het dichtbij is.

Kinderen kiezen het mooiste huis. Er ontstaan discussies. “Nee die daar!” “Nee deze!” Volwassenen doen alsof ze het overdreven vinden maar blijven toch kijken. Er is iets ontwapenends aan al die moeite die mensen deden. Voor niemand specifiek, gewoon voor iedereen die langskomt.

Anderhalf uur, misschien twee. Kost niks. Warmt je niet op maar vult je avond. En de tijd tussen eten en slapen, dat is de moeilijkste tijd. Dat heb je nu opgevuld.

Als je binnen moet blijven

Regen, kou, sneeuw, of gewoon geen zin. Dan blijf je binnen. Maar binnen zitten is anders dan binnen leven. Je moet structuur maken anders zakt de dag ineen.

Spelletjes, maar dan anders

Niet één spelletje na het eten. Geen halve poging Monopoly die niemand afmaakt. Echt ervoor gaan. Alle spelletjes uit de kast. Competitie maken. Scoreblad met namen. Wie wint de meeste spelletjes vandaag?

Monopoly eerst. Duurt anderhalf uur. Iemand wint, iemand verliest, scores opschrijven. Pauze. Koffie, stuk chocolade. Dan Risk. Of Catan. Of Cluedo. Elke keer een ander spelletje, elke keer de spanning opnieuw.

Middag is voorbij voor je het weet. Van één uur tot zes uur zit je aan tafel. Mensen worden competitief. Er ontstaan allianties, verraad, gelach, soms ruzie. Dat hoort erbij. Dat is leven. Beter dan iedereen stil op de bank naar telefoon staren.

Geen bordspellen? Kaarten werken ook. Pesten, Rikken, Poker met lucifer-houtjes als chips. Alles waar je score bij houdt en waar je tegen elkaar speelt.

Films kijken als het de bedoeling is

Niet één film terwijl iedereen op zijn telefoon zit. Echt films kijken. Dag ervoor bedenken welke. Niet halfuur zoeken op Netflix terwijl iedereen moppert.

Drie films. Maak er marathon van. Alle Harry Potter’s. Alle Hobbits. Alle Marvel films op volgorde. Van één uur ’s middags tot tien uur ’s avonds. Pauzes ertussen voor eten, benen strekken, toiletgang. Maar je hebt een plan. De dag heeft vorm.

Iedereen telefoon in de la. Wie zijn telefoon pakt, moet afwassen. Serieus dit afspreken. Anders zit de helft niet echt te kijken en is het zinloos.

Koken als tijdverdrijf

Niet snel eten maken. Niet “het moet klaar zijn”. Nee, koken als activiteit. Als middag-invulling. Als project.

Driegangenmenu. Of vier gangen. Of vijf als je gek doet. Iedereen krijgt een gang. Jij voorgerecht, partner hoofdgerecht, kinderen toetje met hulp. Van drie uur tot zeven uur in de keuken. Muziek aan. Proeven. Aanpassen. Knoeien. Lachen als iets misgaat.

Het eten is bijzaak. Het proces is het punt. Die uren samen in de keuken, dat is de dag. Het eten daarna is bonus.

Nadeel: je moet gisteren boodschappen gedaan hebben. Vandaag kan niet meer. Dus dit moet je van tevoren bedenken. Maar als je het bedacht hebt, is het goud waard.

De puzzel die de hele dag ligt

Duizend stukjes op tafel. Blijft liggen van ochtend tot avond. Iedereen doet mee als ze langslopen. Vijf stukjes hier, tien stukjes daar. ’s Avonds kijken hoe ver je bent gekomen.

Puzzelen is meditatie zonder dat je het doorhebt. Je praat terwijl je puzzelt. Echte gesprekken ontstaan. Niet die oppervlakkige “hoe gaat het” dingen. Echte dingen. Omdat je handen bezig zijn en je niet naar elkaar kijkt. Dat maakt praten makkelijker.

Tien euro voor een puzzel. Gebruik hem vaker. Of ruil met vrienden. Of koop ze tweedehands. Goedkope manier om tijd te vullen en gesprekken te hebben.

Lezen is niet antisociaal

Voor volwassenen die even niks meer kunnen: lezen mag. Echt. Je hoeft niet constant “aan” te zijn. Anderhalf uur voor jezelf met een boek is geen egoïsme, het is overleven.

Zeg het wel van tevoren. “Ik ga twee uur lezen.” Dan weet iedereen het. Niet stiekem wegsluipen want dan komen ze je zoeken en voelt het schuldig. Maar als je het aankondigt, is het oké.

Daarna kom je terug als beter mens. Batterij opgeladen. Geduld terug. Bereid voor de rest van de avond.